Maak een selectie

100 van 100

   

De voorzitter is van oordeel dat het handelen van de jeugdprofessional onvoldoende bezwaarlijk is en daarom is de klacht van onvoldoende gewicht om te beoordelen in het licht van de tuchtnorm

Geachte [de vader],

Op 28 maart 2018 heeft u bij het College van Toezicht van Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ) een tuchtklacht ingediend tegen [de jeugdprofessional]. De behandelend secretaris heeft de klacht doorgestuurd naar mij, voorzitter van het College van Toezicht, met het verzoek een beslissing te nemen. Met deze brief informeer ik u over mijn beslissing.

Klacht van onvoldoende gewicht
Ik heb kennisgenomen van uw klacht en ben van oordeel dat uw klacht van onvoldoende gewicht is zoals bedoeld in artikel 8.8 lid a van het Tuchtreglement.

In uw klacht en de bijgevoegde bijlagen lees ik, voor zo ver van belang voor mijn oordeel, het volgende.
U bent ontevreden over het handelen van [de jeugdprofessional] in relatie tot de schriftelijke afspraken die u met elkaar gemaakt heeft tijdens een bemiddelingsgesprek op 1 februari 2018. Eén van de gemaakte afspraken is dat “niet behandelde agendapunten worden verschoven naar de volgende afspraak”. Op donderdag 22 februari 2018 heeft een zogenoemd “oudergesprek” tussen u en de moeder van uw dochter plaatsgevonden, in aanwezigheid van [de jeugdprofessional]. Uit de overgelegde e-mailcorrespondentie tussen u en [de jeugdprofessional] maak ik op dat tijdens dit oudergesprek kennelijk slechts de eerste twee (van de elf) agendapunten zijn behandeld. U bent het vervolgens niet eens met de door [de jeugdprofessional] toegestuurde agenda voor het volgende geplande oudergesprek op 29 maart 2018. Op deze agenda staan namelijk andere agendapunten geagendeerd dan de niet-behandelde agendapunten van het oudergesprek van 22 februari 2018. U bent van mening dat eerst de niet-behandelde agendapunten van het oudergesprek van 22 februari 2018 behandeld moeten worden. [De jeugdprofessional] laat in reactie op uw bezwaar hierover het volgende weten: “de agendapunten die het belangrijkste zijn voor [uw dochter] zullen als eerste aan bod komen tijdens ons gesprek a.s. donderdag. Mocht er nog tijd over zijn dan pakken we de overige agendapunten op.” In de schriftelijke afspraken die u met elkaar gemaakt heeft tijdens het bemiddelingsgesprek op 1 februari 2018 lees ik voorts dat [de jeugdprofessional] de agenda van de oudergesprekken vaststelt.

Hoewel uw ongenoegen over de gang van zaken voldoende helder is, acht ik, gelet op bovenstaande, het handelen [de jeugdprofessional] onvoldoende bezwaarlijk en daarom van onvoldoende gewicht om te beoordelen in het licht van de algemene tuchtnorm zoals omschreven in artikel 3.1 van het Tuchtreglement. Een tuchtprocedure is niet bedoeld voor dergelijke klachten.

Dit brengt met zich mee dat het dossier zal worden gesloten.

Beroep instellen
Indien u het niet eens bent met deze beslissing, bestaat op grond van artikel 8.8 lid b van het Tuchtreglement voor u de mogelijkheid om beroep in te stellen bij de voorzitter van het College van Beroep. U dient het beroep in te stellen binnen vier weken na de verzenddatum van deze beslissing.

Met vriendelijke groet,

de heer mr. drs. P.H.A. van Geel,
voorzitter College van Toezicht