Maak een selectie

727 van 727

   

De vader wordt gedeeltelijk niet-ontvankelijk verklaard in zijn klaagschrift. Voor twee klachtonderdelen wordt verweer opgevraagd.

De voorzitter van het College van Toezicht, mevrouw mr. S.C. van Duijn, hierna te noemen: de voorzitter, heeft in de onderhavige zaak beslist over het door:

[klager], klager, hierna te noemen: de vader, wonende te [woonplaats],

op 16 juni 2021 ingediende klaagschrift tegen:

[de jeugdprofessional], beklaagde, hierna te noemen: de jeugdprofessional, werkzaam als jeugdbeschermer bij [de GI]. De jeugdprofessional stond van [datum] 2013 tot en met [datum] 2018 als jeugdzorgwerker geregistreerd in het Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ). Sinds [datum] 2018 staat de jeugdprofessional als jeugd- en gezinsprofessional geregistreerd.

1 Het verloop van de procedure

1.1 De voorzitter heeft kennisgenomen van:

–  het aangepaste klaagschrift ontvangen op 10 augustus 2021.

2 De ontvankelijkheid van de klachtonderdelen

De vader heeft in het klaagschrift drie klachtonderdelen geformuleerd.

2.1 Klachtonderdelen 1 en 2

De voorzitter overweegt dat deze klachtonderdelen voldoen aan de vereisten die daaraan worden gesteld in artikel 7.4 van het Tuchtreglement, versie 1.4. De jeugdprofessional zal derhalve in de gelegenheid worden gesteld daartegen een verweerschrift in te dienen zoals bedoeld in artikel 8.1 van het Tuchtreglement.

2.2 Klachtonderdeel 3

2.2.1 De vader verwijt het de jeugdprofessional de toegezegde communicatie zoals vastgelegd in een beschikking niet uitgevoerd te hebben. De voorzitter oordeelt dat uit het klachtonderdeel en de toelichting bij het klachtonderdeel onvoldoende duidelijk blijkt welke concrete handelingen de jeugdprofessional heeft verricht waardoor er mogelijk sprake kan zijn van een tuchtrechtelijk verwijt.  De vader heeft zijn klachtonderdeel onderbouwd met zes bijlagen. Het is de voorzitter echter onduidelijk hoe deze bijlagen het geformuleerde klachtonderdeel ondersteunen. Hierdoor zijn de feiten en gronden van dit klachtonderdeel onvoldoende concreet waardoor dit klachtonderdeel niet voldoet aan artikel 7.4 sub d van het Tuchtreglement. De voorzitter zal de vader daarom op grond van artikel 7.7 sub a van het Tuchtreglement niet-ontvankelijk verklaren in dit klachtonderdeel.

3     De beslissing

Dit alles overwegende komt de voorzitter tot de volgende beslissing:

  • verklaart dat klachtonderdeel 1 en 2 voldoen aan de vereisten die het Tuchtreglement stelt aan een klacht(onderdeel), zoals opgenomen in artikel 7.4 van het Tuchtreglement, versie 1.4 en stelt de jeugdprofessional in de gelegenheid een verweerschrift daartegen in te dienen zoals bedoeld in artikel 8.1 van het Tuchtreglement;
  • verklaart de vader niet-ontvankelijk in klachtonderdeel 3.

Aldus gedaan door de voorzitter en op 16 september 2021 aan partijen toegezonden.

mevrouw mr. S.C. van Duijn
voorzitter